Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

Protocol ontwikkeld door kinderoncologen van het Máxima vormt wereldwijd de basis voor behandeling van leukemie bij zuigelingen

Maandag 8 juli jl. publiceerden Rob Pieters en zijn collega’s nieuwe resultaten uit een fase III studie van de behandeling van zuigelingen (jonger dan 1 jaar), met Acute Lymfatische Leukemie (ALL) volgens het ‘Interfant-06’ protocol. Het door kinderoncologen van het Máxima doorontwikkelde Interfant-protocol vormt nu wereldwijd de basis voor de behandeling van alle kinderen met deze vorm van kanker. Volgens een eigen analyse scoort Nederland het best in de toepassing van het protocol. Het artikel is gepubliceerd in het toonaangevende Journal of Clinical Oncology (JCO).

Er zijn verschillende vormen van Acute Lymfatische Leukemie (ALL), de meest voorkomende vorm van kanker bij kinderen. Bij zuigelingen met ALL is er vaak sprake van een DNA-afwijking in een gen genaamd ‘KMT2A’: maar liefst 80% van de zuigelingen met leukemie heeft deze agressieve afwijking in het DNA. Boven de 1 jaar is dat nog maar 1%. Rob Pieters: ‘Toen ik vroeger in het VUmc werkte, zagen we in het laboratorium dat de leukemiecellen van zuigelingen gevoelig waren voor een chemotherapeutisch middel dat niet zo vaak gebruikt werd bij ALL. Na meer onderzoek, heb ik vervolgens in 1999 alle landen bij elkaar gehaald en besproken of en hoe we het middel aan de behandeling konden toevoegen. Zo maakten we een nieuw behandelschema. In Nederland steeg daarmee bijvoorbeeld de genezing van 20% naar 50%. Die resultaten zijn destijds in vakblad THE LANCET gepubliceerd.’ Dit betrof het ‘Interfant-99 Protocol’ dat van 1999 tot 2006 gebruikt werd.’

Protocol
Rob Pieters: ‘In 2006 kwam de opvolger van het protocol (Interfant-06). Daarmee hebben we bevestigd wat we ook al uit de interfant-99 behandeling wisten. West-Europese en Noord-Amerikaanse landen scoren namelijk zo’n 10% beter dan andere landen op gebruik van hetzelfde protocol. Dat komt mogelijk doordat wij beter de complicaties kunnen opvangen, terwijl we toch doorbehandelen. Waardoor er minder kinderen aan bijwerkingen overlijden en minder kinderen overlijden door leukemie.’
Binnen het Interfant-06 behandelprotocol dat van 2006 tot 2016 gebruikt werd bij ruim 600 baby’s, liep een onderzoek waarbij een middel tegen acute myeloïde leukemie werd toegevoegd aan de behandeling. Rob Pieters: ‘De cel waarin leukemie bij baby’s ontstaat is een hele onrijpe stamcel. Omdat zo’n cel zowel lymfatisch als myeloïd kan worden, bedachten wij dat toevoegen van een myeloïde chemotherapie mogelijk uitkomst zou kunnen bieden. Deze experimentele behandeling deed het helaas niet beter dan de standaardbehandeling.’

Nederland
Pieters deed tijdens het onderzoek voor deze publicatie ook een analyse van de verschillen in overlevingscijfers tussen de 20 landen die het Interfant-protocol volgden. Deze gegevens werden niet in detail gepubliceerd in het betreffende JCO-artikel. Nederland scoort, samen met 3 andere landen, wereldwijd het beste. Onze overlevingscijfers steken dus gunstig af tegen die in de andere landen, terwijl we dus allemaal hetzelfde Interfant-protocol gebruiken. Dit komt volgens Pieters mogelijk doordat wij beter complicaties kunnen opvangen terwijl wij toch doorbehandelen. Alle oncologen en onderzoekers die hiervoor gezorgd hebben, werken nu in het Máxima.’

Basis
Rob Pieters: ‘deze therapie vormt nu de basis voor de behandeling van deze vorm van kanker over de hele wereld. Wereldwijd zijn we nu met pilotstudies bezig om weer nieuwe geneesmiddelen aan deze basisbehandeling toe te voegen. Dit draagt zo bij aan onze missie te realiseren om ieder kind met kanker te genezen!’

Publicatie: https://ascopubs.org/doi/abs/10.1200/JCO.19.00261