Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

Botscan

Tijdens een botscan worden, met behulp van licht radioactieve stof, foto's van de botten gemaakt. De radioactieve stof wordt via een infuus toegediend, via de bloedvaten wordt de stof in de botten van uw kind opgenomen. Na 2 tot 3 uur kunnen de foto’s worden gemaakt. Het onderzoek vindt plaats op de afdeling nucleaire geneeskunde.  Een botscan wordt gemaakt bij verdenking op een bottumor of het in beeld brengen van mogelijke botuitzaaiingen. Ook wordt de scan gebruikt voor het In beeld brengen van botaandoeningen, veroorzaakt door ziekte, val of orthopedisch materiaal.

Voorbereiding
Voor het onderzoek is het belangrijk dat voldoende wordt gedronken. In totaal mag 1 liter vocht (water of limonade) gedronken worden in de tijd dat u en uw kind moeten wachten. Uw kind mag niks meer drinken vanaf één uur voordat de foto’s gemaakt worden. Vlak voordat de foto’s gemaakt worden, gaat uw kind naar het toilet. De radioactieve stof wordt via de nieren uitgescheiden en zal het lichaam via de urine verlaten. Belangrijk voor het onderzoek is om zo goed mogelijk uit te plassen. Dit is nodig, zodat de botten rondom de blaas ook goed worden afgebeeld.

Mocht uw kind nog luiers dragen, dan moet de luier vlak voor het maken van de foto’s worden verschoond.

Het onderzoek/de behandeling

Het onderzoek wordt in twee onderdelen uitgevoerd.

Deel 1:
Het radioactief stofje zal worden toegediend via een infuus in de bloedbaan.  Als uw kind jonger is dan 5 jaar wordt een infuus geplaatst. Als uw kind ouder is dan 5 jaar kan gekozen worden om de radioactieve stof direct toe te dienen. Dit lijkt op een prik, zoals bij bloedprikken. Na het toedienen van het stofje zijn twee mogelijkheden:

U en uw kind moeten nu 3 uur wachten totdat de stof in de botten is opgenomen.
Direct nadat de radioactieve stof is toegediend worden twee foto’s gemaakt van twee minuten van het gebied waar de meeste klachten zijn. Deze optie wordt vaak gedaan bij een orthopedische aanvraag. De radioactieve stof is nog niet opgenomen door de botten en bevind zich nog in het bloed. Hierdoor wordt een foto gemaakt van de doorbloeding van het gebied van interesse.
Als de toediening klaar is moeten u en uw kind wachten. U mag in de wachtkamer van de Nucleaire Geneeskunde blijven, maar dit hoeft niet. U mag rondlopen door het ziekenhuis of ergens wat gaan eten. Zorgt u dan dat u en uw kind weer op de afgesproken tijd voor de foto’s terug zijn in de wachtkamer.

Deel 2:
De radioactieve stof heeft nu tijd gehad om te worden opgenomen in de botten. Vlak voordat de foto’s gemaakt worden, gaat uw kind nog naar het toilet. Dit zorgt ervoor dat de blaas goed leeg is. Eerst zal een overzichtsfoto worden gemaakt van uw kind. Dit is een foto van top tot teen. Uw kind komt onder de camera te liggen. De foto zal beginnen bij het hoofd en daarna schuift uw kind langzaam onder de camera vandaan. Ondertussen blijft de camera foto’s maken, dus het is erg belangrijk dat uw kind goed stil blijft liggen. Deze foto duurt ongeveer 10-15 minuten.

Daarna zal nog een 3D foto worden gemaakt. Dit wordt overlegd met de Nucleair Geneeskundige. Vaak is dit van het gebied waar zich de meeste pijnklachten bevinden. Bij deze foto gaat de camera in kleine stapjes om uw kind heen draaien. In totaal duurt de foto 25 minuten. Ook hierbij is het belangrijk dat uw kind goed stil blijft liggen. Aan het eind van de foto wordt aansluitend een low dose CT gemaakt. Dit duurt 2 minuten.

In totaal duurt het onderzoek ongeveer 4 tot 5 uur. U mag als ouder bij uw kind in de onderzoeksruimte blijven.

De beelden die gemaakt zijn zullen door de nucleair medisch werker worden uitgewerkt. Deze beelden worden door de Nucleair Geneeskundige bekeken. De beelden worden op een later tijdstip uitgebreid beoordeeld. U krijgt nog geen uitslag van het onderzoek.

Nazorg

Dit onderzoek geeft zelden complicaties. De uitslag krijgt u van uw eigen behandelaar, ongeveer een week na het onderzoek.