Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

MIBG therapie

MIBG therapie wordt gebruikt bij de behandeling van bepaalde vormen van het neuroblastoom. Via het eiwit MIBG wordt radioactief Jodium door het bloed vervoerd en in de neuroblastoomcellen gebracht, die daardoor kapot gaan. Door aan het MIBG radioactief jodium (131-I) te verbinden, wordt het neuroblastoom ter plaatse bestraald zonder dat omliggende organen of weefsels hier van schade ondervinden. Het is dus een hele lokale behandeling van de ziekte. Een scan met 123-I-MIBG kan aantonen of uw kind een neuroblastoom heeft dat MIBG opneemt en dus mogelijk in aanmerking komt voor de MIBG therapie.
Voorbereiding

Er zijn tijdens de behandeling veel voorzorgsmaatregelen nodig om de bijwerkingen, ook voor andere mensen in de omgeving, te beperken. Er moeten medicijnen worden ingenomen om de schildklier te beschermen tegen opname van het radioactieve MIBG. De instructie over (de duur van) de inname krijgt u van de (verpleegkundig) specialist van uw kind. 

 
De behandeling

Kinderen met een bepaalde vorm van neuroblastoom krijgen MIBG-behandeling. Bij deze behandeling wordt radioactief jodium gekoppeld aan het eiwit MIBG. Dit eiwit zorgt ervoor dat het radioactieve jodium via de bloedbaan bij de tumor komt en deze ter plaatse bestraald.

Tijdens de MIBG-behandeling wordt je kind vijf tot zeven dagen geïsoleerd verpleegd.

Meer lees je in de informatiebrief MIBG-behandeling en in de 'Kamer voor radioactieve behandeling.'

Na de opname is de radioactiviteit niet meteen uit het lichaam van je kind verdwenen. Daarom gelden er thuis nog een poosje leefregels. Die lees je in de brief 'Leefregels thuis na een radioactieve behandeling.'


Nazorg

De behandeling kent op korte termijn weinig bijwerkingen en wordt over het algemeen goed verdragen. Soms is er sprake van misselijkheid op de dag van toediening van het 131I-MIBG. Een medicijn tegen misselijkheid wordt standaard gegeven en is meestal afdoende. Na enkele weken kan de aanmaak van bloedcellen in het beenmerg dalen, dit geldt met name voor de bloedplaatjes. Wondjes genezen trager en bloedingen stoppen minder snel. Dit herstelt zich meestal na verloop van tijd weer. Langetermijneffecten zijn niet bekend.

 
Vragen?

Vragen over de behandeling stelt u aan een medisch specialist of verpleegkundig specialist.