Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

MIBG therapie

MIBG therapie wordt gebruikt bij de behandeling van bepaalde vormen van het neuroblastoom. Via het eiwit MIBG wordt radioactief Jodium door het bloed vervoerd en in de neuroblastoomcellen gebracht, die daardoor kapot gaan. Door aan het MIBG radioactief jodium (131-I) te verbinden, wordt het neuroblastoom ter plaatse bestraald zonder dat omliggende organen of weefsels hier van schade ondervinden. Het is dus een hele lokale behandeling van de ziekte. Een scan met 123-I-MIBG kan aantonen of uw kind een neuroblastoom heeft dat MIBG opneemt en dus mogelijk in aanmerking komt voor de MIBG therapie.
Voorbereiding

Er zijn tijdens de behandeling veel voorzorgsmaatregelen nodig om de bijwerkingen, ook voor andere mensen in de omgeving, te beperken. Er moeten medicijnen worden ingenomen om de schildklier te beschermen tegen opname van het radioactieve MIBG. De instructie over (de duur van) de inname krijgt u van de (verpleegkundig) specialist van uw kind. 

 
De behandeling

Het 131I-MIBG wordt via een infuus toegediend. Vanaf het moment van toediening is er kans op radioactieve besmetting. De toediening van het 131I-MIBG én de opname gedurende een aantal dagen erna vinden daarom plaats op een speciale kamer. Uw kind zal radioactiviteit uitstralen, maar ook via urine en ontlasting zal een deel van de radioactiviteit het lichaam weer verlaten. Om radioactieve besmetting te voorkomen, gelden speciale maatregelen met betrekking tot het bezoeken en verzorgen van uw kind.

De tijd van bezoek en verzorging moet zo veel mogelijk worden beperkt; u krijgt instructies om niet te dicht bij uw kind in de buurt te komen. We rekenen erop dat u uw kind wel zelf wast, verschoont en helpt met eten, maar intensief lichamelijk contact (zoals bij knuffelen of troosten) is niet mogelijk. Dat kan een lastige opgave zijn, zowel voor uw kind als voor uzelf. Ook kleding en overige materialen (denk aan speelgoed) kunnen radioactief besmet worden. Vooraf aan de behandeling wordt u door een stralingskundige geïnformeerd over noodzakelijke maatregelen.
Gedurende de opname (die meestal 4-7 dagen duurt) wordt dagelijks de radioactiviteit die uw kind uitstraalt gemeten. Zodra deze op een acceptabel niveau is (volgens wettelijke richtlijnen) mag uw kind naar huis. De straling is dan nog niet volledig weg en er gelden voor een periode van enkele (2-3) weken nog leefregels. Wanneer u zwanger bent zijn de leefregels strikter. Vooraf aan de behandeling wordt u door een stralingskundige geïnformeerd over de noodzakelijke maatregelen. 

Voor ontslag wordt er nog een MIBG-scan gemaakt waarbij wordt gekeken naar de opname van het MIBG door de tumor. Alleen als er een goede opname van het MIBG is, wordt de behandeling nog een keer herhaald na drie tot vier weken.

Nazorg

De behandeling kent op korte termijn weinig bijwerkingen en wordt over het algemeen goed verdragen. Soms is er sprake van misselijkheid op de dag van toediening van het 131I-MIBG. Een medicijn tegen misselijkheid wordt standaard gegeven en is meestal afdoende. Na enkele weken kan de aanmaak van bloedcellen in het beenmerg dalen, dit geldt met name voor de bloedplaatjes. Wondjes genezen trager en bloedingen stoppen minder snel. Dit herstelt zich meestal na verloop van tijd weer. Langetermijneffecten zijn niet bekend.

 
Vragen?

Vragen over de behandeling stelt u aan een medisch specialist of verpleegkundig specialist.