Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

Langerhanscelhistiocytose (LCH)

Langerhanscelhistiocytose (LCH) is een zeer zeldzame ziekte die ontstaat door de overmatige groei van afstammelingen van bloedvormende cellen, de LCH-cellen. LCH-cellen lijken op Langerhanscellen, afweercellen die verspreid in de huid voorkomen en het lichaam beschermen tegen infecties. Bij Langerhanscelhistiocytose zitten de afwijkende cellen in groepjes meestal in de botten en in de huid. De ziekte kan ook in andere organen zoals lever, milt en darm voorkomen.
Klachten bij deze ziekte

Omdat de ziekte in botten, huid en verschillende organen voor kan komen, zijn de mogelijke klachten veelvuldig. Meestal is er sprake van een bult of pijn in een bot. Patiënten hebben ook vaak last van koorts of huidafwijkingen. Soms wordt de ziekte bij toeval ontdekt doordat het op een röntgenfoto wordt ontdekt die om een andere reden gemaakt is.  

Hoe stellen we de diagnose?

Typische ronde vlekjes op röntgenfoto’s van een bot kunnen wijzen op een Langerhanscelhistiocytose. Om de ziekte definitief aan te tonen wordt er een biopt afgenomen. De uitgebreidheid van de ziekte wordt op röntgenfoto’s’ van alle botten van het lichaam vastgelegd. Als wervels betrokken zijn, wordt er ook een MRI scan van de wervelkolom gemaakt. Door een punctie van het beenmerg wordt zo nodig onderzocht of er ook LCH-cellen in het beenmerg aanwezig zijn. Ten slotte is er genetisch onderzoek mogelijk om genafwijkingen in LCH-cellen aan te tonen.

Behandeling van LCH

De intensiteit van de therapie is afhankelijk van de uitgebreidheid van de ziekte. Dit kan uiteenlopen van een  afwachtend beleid tot milde of intensievere chemotherapie. In de toekomst zullen er hopelijk medicijnen ontwikkeld worden die doelgericht de LCH-cellen aangrijpen.