Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

Myelodysplastisch syndroom (MDS) / beenmergfalen

Bij myelodysplastisch syndroom is er sprake van verstoorde aanmaak van de verschillende celtypen die in het beenmerg gemaakt worden: rode bloedlichaampjes (erytrocyten), witte bloedlichaampjes (leucocyten) en bloedplaatjes (trombocyten). Die verstoring is anders dan bij acute leukemie: het percentage kwaadaardige cellen is lager dan bij acute leukemie, vaak is het wel verhoogd ten opzichte van normaal. Meestal zijn verschillende onderzoeken nodig om tot de juiste diagnose te komen. Sommige aandoeningen zijn erfelijk en leiden tot onderzoek in de familie.

Klachten bij deze ziekte

Een laag aantal erytrocyten leidt tot een verlaagd zuurstoftransport: bloedarmoede. De klachten hiervan zijn bleekheid en vermoeidheid. Een laag aantal leucocyten leidt tot een verhoogd risico op infecties. Die kunnen ongewoon van aard zijn of ongewoon heftig verlopen. Bij een verlaagd aantal trombocyten kan een bloedingsneiging ontstaan, varierend van puntbloedingen tot blauwe plekken, bloedneuzen of heftige menstruatie.

De groep van ziekten die leiden tot een verstoorde bloedaanmaak, zonder dat er sprake is van leukemie worden meestal met beenmergfalen aangeduid. Het is natuurlijk ook belangrijk om zeker te weten dat er geen sprake is van leukemie.

Hoe stellen we de diagnose?

Naast bloedonderzoek is met name onderzoek van de bloedaanmaak informatief. Bloed wordt gemaakt in het beenmerg, dat in de botten zit. Beenmerg kan verkregen worden met een beenmergpunktie, bij kinderen meestal onder verdoving uitgevoerd. Om een beter beeld te krijgen van de samenhang van de verschillende fases van de bloedaanmaak is een botbiopt behulpzaam. Dit wordt ook onder verdoving afgenomen.

Behandeling van beenmergfalen

Beenmergfalen kent een lange lijst van mogelijke oorzaken die specifieke behandelmethoden vereisen. 

Bij een te lage aanmaak van rode bloedlichaampjes of bloed-plaatjes kunnen bloedtransfusies nodig zijn. Bij een te lage afweer worden vaak antibiotica gegeven om gevaarlijke infecties te voorkomen.

Als er sprake is van verstoorde aanmaak door zieke bloedvormende stamcellen is donor-stamceltransplantatie vaak een optie voor blijvende genezing. Dit is een gecompliceerde medische behandeling die zorgvuldig afgewogen wordt: een uitvoerige zoektocht naar de precieze diagnose en donorkeuze en voorbehandeling gaat hieraan vooraf. Soms zijn andere behandelopties te verkiezen. Het voert te ver om dat hier uitgebreid te beschrijven, uw arts zal u hierover uitgebreid informeren. Soms is raadpleging van een in erfelijke aandoeningen gespecialiseerde arts (klinisch geneticus) noodzakelijk.