Deze website maakt gebruik van cookies. We gebruiken cookies om instellingen te onthouden en je bezoek soepeler te laten verlopen. Daarnaast gebruiken we ook cookies voor de verbetering van de website en het verzamelen en analyseren van statistieken. Lees meer over cookies

Centraal veneuze katheter plaatsen


Centraal veneuze lijn

Je kind heeft, of krijgt binnenkort, een centraal veneuze katheter. Via deze katheter, ook wel lijn genoemd, kunnen we vocht, bloed, voeding, contrastvloeistof en medicijnen geven en bloed afnemen. Het voordeel van deze lijn is dat je kind niet steeds een infuus hoeft te krijgen. Het inbrengen gaat onder narcose. De lijn kan maanden blijven zitten. Er zijn verschillende soorten lijnen. De arts bepaalt welke het meest geschikt is voor de behandeling van je kind.

De folder Centraal veneuze katheter/lijn (Hickman, Broviac, Powerline) geeft informatie over het inbrengen en verzorgen van een lijn en legt uit hoe je problemen herkent en wat je dan moet doen.

Wat is een centraal veneuze katheter?

Een centraal veneuze katheter is een soepele lijn die in een groot bloedvat zit dat rechtstreeks naar het hart leidt. Een deel van de lijn steekt door de huid naar buiten. De lijn heeft een speciale dop waarop een infuuslijn of injectiespuit gedraaid kan worden. Een bandje om de lijn onder de huid (cuff) zorgt ervoor dat deze op zijn plaats blijft en daardoor ook lang kan blijven zitten. Er zijn verschillende soorten lijnen met één, twee of drie uitgangslijnen (afbeelding 1). De arts bepaalt welke lijn het meest geschikt is voor de behandeling van je kind.

Afbeelding 1: Centraal veneuze katheter/lijn
Afbeelding 1: Centraal veneuze katheter/lijn

Inbrengen van de lijn

De kinderchirurg brengt de lijn in via twee sneetjes, één ter hoogte van het sleutelbeen/de hals en één wat lager (afbeelding 2). Dat gebeurt onder narcose op de operatiekamer van het Wilhelmina Kinderziekenhuis.

Afbeelding 2: Ingangsplaats en uitgangsplaats van de lijn

 

Verzorging van de lijn

De lijn moet regelmatig verzorgd worden om besmetting, infectie en verstopping te voorkomen. Alleen een hiervoor bekwame (thuiszorg)verpleegkundige mag dit doen. Het gaat om:

  • afklemmen van de lijn;
  • doorspoelen van de lijn, heparineslot plaatsen en de dop (naaldloze connector) verwisselen (1x per week);
  • schoonmaken van de uitgangsplaats en vervangen tegadermpleister (1x per 2 weken).

Wanneer er meer dan een week tussen twee ziekenhuisbezoeken zit, doet een thuiszorgverpleegkundige dit. Onze transferverpleegkundige geeft je een pakket mee waarin alles zit wat voor de verzorging nodig is en schakelt een (kinder)thuiszorgorganisatie in. Zorg zelf dat je altijd handalcohol (Sterillium) in huis hebt. Het is voor de thuiszorgverpleegkundige fijn als je een glad kunststof dienblad hebt om de spullen op klaar te leggen

Omgaan met een lijn

Soms kunnen er problemen zijn met de lijn, zoals een infectie of een lekkage. Als je zorgvuldig omgaat met de lijn, helpt dat problemen zo veel mogelijk te voorkomen.

  • Controleer de lijn elke ochtend en avond;
  • Desinfecteer van tevoren je handen, maar raak de uitgangsplaats niet aan;
  • Kijk hoe de huid rond de uitgangsplaats eruitziet en of de pleister goed vastzit;
  • Zorg dat de lijn altijd afgeklemd is (zeker bij het sporten!);
  • De pleister moet de uitgangsplaats goed beschermen;
  • Laat je kind kleren dragen die de lijn goed bedekken;
  • Je kind mag in principe douchen;
  •  Laat je kind niet aan een rekstok of ringen hangen omdat de lijn dan kan verschuiven;
  • Om dezelfde reden mag je je kind niet onder de armen pakken of aan de armen rondjes laten draaien;

Wat te doen bij problemen

Het is belangrijk te weten hoe je mogelijke problemen kunt herkennen en wat je dan moet doen.

  • Infectie;
  • Huidproblemen rond de lijn;
  • Huidproblemen onder de pleister;
  • Verstopte lijn;
  • Lekkende lijn;
  • Kapot aanzetstuk
  • Losse of afgekoppelde dop;
  • Lucht in de lijn;
  • Bloed in de lijn;
  • Trombo-embolie (het loskomen van een bloedstolsel in de lijn);
  • Zwelling bij de lijn;
  • Zwelling van nek of gezicht;
Infectie
Hoe merk je het?
- Je kind heeft koorts of rillingen;
- De uitgangsplaats is gezwollen, pijnlijk, voelt warm aan, geeft vocht af, stinkt;
- Je kind is hangerig of minder actief.

Wat moet je doen?
Als je kind deze verschijnselen vrijwel direct na het doorspuiten heeft, moet je meteen contact opnemen met het ziekenhuis

Hoe kun je het voorkomen?
- Volg bovenstaande instructies voor het omgaan met de lijn op;
- Desinfecteer altijd je handen voordat je aan de lijn komt;
- Laat je kind niet zwemmen;
- Laat een vuile dop (naaldloze connector) meteen vervangen.

Huidproblemen rond de lijn
Hoe merk je het?
De huid is pijnlijk, gevoelig, rood of vertoont blaren.

Wat moet je doen?
Neem contact op met het ziekenhuis.

Hoe kun je het voorkomen?
Zorg dat de kleding van je kind niet strak zit ter hoogte van de insteek van de lijn.

Huidproblemen onder de pleister
Hoe merk je het?
De huid is rood en geïrriteerd.

Wat moet je doen?
Neem contact op met het ziekenhuis.

Hoe kun je het voorkomen?
- Gebruik een anti-allergische pleister;
- Bescherm de huid onder de pleister met cavilon huidbescherming.

Verstopte lijn
Hoe merk je het?
De verpleegkundige kan de lijn niet met een normale druk doorspoelen.

Wat moet je doen?
- Laat je kind tijdens het doorspoelen een andere houding aannemen. Bijvoorbeeld het hoofd draaien, diep zuchten, hoesten, gapen, met de rechterhand de linkeroorlel pakken of andersom;
- Helpt dit niet, neem dan contact op met het ziekenhuis.

Hoe kun je het voorkomen?
Laat de lijn wekelijks pulserend doorspoelen en afsluiten met heparine.

Lekkende lijn
Hoe merk je het?
De lijn lekt.

Wat moet je doen?
- Klem de lijn onmiddellijk met de extra klem af tussen de plaats van het lek en de uitgangsplaats;
- Neem vervolgens contact op met het ziekenhuis.

Hoe kun je het voorkomen?
- Klem de lijn alleen af op het verstevigde deel;
- Zorg ervoor dat de lijn goed onder de kleding zit;
- Gebruik nooit een schaar of andere scherpe dingen in de buurt van de lijn.

Gebroken aanzetstuk
Hoe merk je het?
- De dop zit niet goed;
- Bij het doorspoelen lekt de lijn;
- Je ziet een scheurtje.

Wat moet je doen?
Klem de lijn af en neem contact op met het ziekenhuis.

Hoe kun je het voorkomen?
- Draai de dop niet te vast;
- Klem de lijn alleen af op het verstevigde deel.

De dop zit los of is er af
Hoe merk je het?
- Je kind is kortademig of heeft koorts;
- Je ziet bloed bij de uitgang;
- Je ziet dat de dop los of eraf is.

Wat moet je doen?
- Kijk of de lijn is afgeklemd;
- Bel de thuiszorgverpleegkundige;
- Is de dop er helemaal af, maak dan het aanzetstuk van de lijn schoon met een steriel gaas met alcohol 70%, laat 30 seconden drogen en plaats een nieuwe dop. Desinfecteer eerst je handen;
- Neem contact op met het ziekenhuis als je kind kortademig is of koorts krijgt.

Hoe kun je het voorkomen?
- Controleer dagelijks of de dop goed vast zit;
- Zorg ervoor dat de lijn goed onder de kleding zit.

Bloed in de lijn
Hoe merk je het?
Je ziet bloed in de dop.

Wat moet je doen?
Neem contact op met de thuiszorgverpleegkundige.

Hoe kun je het voorkomen?
Zorg dat de lijn altijd afgeklemd is.

Lucht in de lijn
Hoe merk je het?
Kortademigheid of pijn op de borst.

Wat moet je doen?
- Waarschuw onmiddellijk je arts. Dit is een spoedgeval;
- Klem de katheter meteen met de extra klem af bij de uitgangsplaats als je denkt dat de katheter beschadigd is;
- Laat je kind liggen en probeer het rustig te houden.

Hoe kun je het voorkomen?
- Zorg dat de lijn altijd goed is afgeklemd;
- Zorg dat je de extra klem altijd bij je kind in de buurt hebt.

Trombo-embolie (loskomen van een bloedstolsel in de lijn)
Hoe merk je het?
Kortademigheid, pijn op de borst, duizeligheid of verwardheid

Wat moet je doen?
Waarschuw onmiddellijk je arts. Dit is een spoedgeval.

Hoe kun je het voorkomen?
- Laat de lijn een keer per week pulserend doorspoelen met een zoutoplossing en afsluiten met heparine
- Zorg ervoor dat je kind altijd goed drinkt.

Zwelling bij de lijn
Hoe merk je het?
Een groter wordende zwelling bij de lijn.

Wat moet je doen?
Neem contact op met het ziekenhuis.

Hoe kun je het voorkomen?
Een zwelling is niet te voorkomen. Houd je kind goed in de gaten om een zwelling vroegtijdig te zien.

Zwelling van nek en gezicht
Hoe merk je het?
- De nek boven de ingangsplaats is gezwollen;
- De zwelling kan zich uitbreiden tot de wang en het gezicht;
- Je kunt ‘rijstkorrels’ onder de huid voelen;
- Soms geeft aanraken een knetterend geluid.

Wat moet je doen?
- Neem contact op met het ziekenhuis;
- Bedek de ingangs- en uitgangsplaats met een tegaderm;
- Als de zwelling snel verergert, bel 112.

Hoe kun je het voorkomen?
Een zwelling is niet te voorkomen. Houd je kind goed in de gaten om een zwelling vroegtijdig te zien.